Biddend leven

Het dagritme van een cisterciŽnzergemeenschap is helemaal gericht op gebed en contemplatie, het beschouwend omgaan met God. Naast het persoonlijk gebed en de dagelijkse eucharistieviering onderbreken de monniken zesmaal per dag hun activiteiten voor het gemeenschappelijk getijdengebed (zie  Het koorgebed ). Voor dit koorgebed bedienen ze zich hoofdzakelijk van de psalmen uit de Heilige Schrift.

Daarbij komt nog de lectio divina, het lezen van de Schrift en van spirituele werken die het begrijpen van Gods Woord bevorderen. De lectio divina is geen gewone lectuur. Het gaat erom de heilige teksten hun werk te laten doen: je wordt wat je leest.

Vandaar het belang van de stilte. "Luister" is het eerste woord van de Regel van Benedictus. Het is er ook de samenvatting van. Het stilzwijgen en de afzondering zijn in het leven van de monnik van vitaal belang. Geen doel op zich maar de weg die de monnik gaat om te luisteren naar God en in zijn aanwezigheid te vertoeven. Uiterlijke stilte is daarbij voorwaarde: eerst ben je in de stilte, en vervolgens ontstaat de stilte in jezelf. De monnik betracht die innerlijke stilte in al zijn werk: groentetuin, boomgaard, keuken, bakkerij, washuis, kleermakerij, kantoor, brouwerij, bibliotheek, … In alles wat de monnik doet, tracht hij allereerst verenigd te zijn met God.

naar het begin van de pagina

bijgewerkt op 19 juli 2012